Heimwee naar het (T)huis van mijn Vader (4)

Klik hier voor deel 1 uit deze serie

Heimwee naar het (T)huis van mijn Vader (4)

In de voorgaande delen hebben we de schotel en de astronaut reeds besproken en waren dan bij de boom aanbeland die ons liet zien dat er zoiets als een co-operatief kruisverband zou bestaan tussen een biologisch weefsel van een corpus afkomstig uit de ruimte en een corpus of biologisch weefsel van de aarde zelf. De naam van de boom was dan cocos-nucifera wat we dan kunnen lezen als een co/orpus-co/orpus-nut (knoop of kruisverband in biologisch weefsel) en cifera wat cijfer betekent. Gezien de ontwerpers specifiek een palmboom hebben gekozen waarmee de biologische aard van een mens van vlees bloed dan zou kunnen worden vergeleken is het misschien verstandig om de biologie van de desbetreffende boom dan eens nader te bestuderen en zo meldt Wikipedia hierover dan ondermeer hetvolgende,

http://en.wikipedia.org/wiki/Cocos_nucifera

“The flowers of the coconut palm are polygamomonoecious, with both male and female flowers in the same inflorescence. Flowering occurs continuously. Coconut palms are believed to be largely cross-pollinated, although some[which?] dwarf varieties are self-pollinating. The “nut” of the coconut is the edible endosperm, located on the inner surface of the shell. Inside the endosperm layer, coconuts contain an coconut juice that is sweet or salty or both sweet and salty.”.

http://en.wikipedia.org/wiki/Polygamomonoecious
The term polygamomonoecious is used to describe a species population containing plants that are polygamous and plants that are monoecious. Coconut palms provide a good example of a polygamomonoecious species.

http://en.wikipedia.org/wiki/Monoecious
Plant sexuality covers the wide variety of sexual reproduction systems found across the plant kingdom. This article describes morphological aspects of sexual reproduction of plants.
# Monoecious – an individual that has both male and female reproductive units (flowers, conifer cones, or functionally equivalent structures) on the same plant; from Greek for “one household”. Individuals bearing separate flowers of both sexes at the same time are called simultaneously or synchronously monoecious. Individuals that bear flowers of one sex at one time are called consecutively monoecious; plants may first have single sexed flowers and then later have flowers of the other sex. Protoandrous describes individuals that function first as males and then change to females; protogynous describes individuals that function first as females and then change to males.

De noten van de cocos nucifera bevaten dan het endosperma en wiki zegt daar dan hetvolgende over,

Endosperm
Het endosperm of kiemwit is het reservevoedsel van zaden, dat voor de kieming en eerste groei gebruikt wordt. Het endosperm is vaak rijk aan zetmeel (granen), olie (koolzaadolie) en eiwitten (erwt, boon). Bij de eenzaadlobbigen (monocotylen) zit het reservevoedsel in het endosperm. Bij de tweezaadlobbigen (dicotylen) is meestal het reservevoedsel uit het endosperm overgegaan in de beide zaadlobben (cotylen), maar bij sommige plantensoorten kan het ook nog in het endosperm zitten.
Bij de naaktzadigen is het endosperm afkomstig van de vrouwelijke gametofyt. Dit endosperm wordt het primaire endosperm genoemd en is haploïd(Haploïde organismen hebben, in tegenstelling tot diploïde organismen, slechts één exemplaar van ieder chromosoom. Dit wordt weergegeven met n of 1n. Ook cellen kunnen haploïd zijn: bij de mens zijn voortplantingscellen haploïd.. Bij de bedektzadigen wordt het endosperm gevormd door de samensmelting van de secundaire embryozakkern in de embryozak met de spermacel uit de pollenbuis van de stuifmeelkorrel. Dit endosperm wordt het secundaire endosperm genoemd en is triploïd.

Gameet
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Geslachtscel)

Een gameet of geslachtscel is een haploïde cel die dient voor de seksuele reproductie. De geslachtscellen van een mannelijk organisme heten zaadcel, van vrouwelijke organismen eicel. Wanneer een eicel en een zaadcel van hetzelfde organisme samensmelten ( de plasmogamie) vormen ze een zygote. Bij versmelting van twee kernen (de karyogamie) – het criterium voor seksuele voortplanting – ontstaat een diploïde cel die tot een nieuw organisme uitgroeit, drager van DNA van beide ouders.

Bij schimmels kan een zygote uitgroeien tot een sporenvormer die met meiose haploïde sporen maakt. Uit een spore groeit dan een schimmel, die dus haploïd is. Voor de vorming van de haploïde geslachtscellen uit de normale diploïde cellen waaruit een organisme is opgebouwd gebruikt het een versie van de celdeling genaamd meiose. Bij meiose worden uit één diploïde cel vier haploïde cellen gemaakt. Elk van de resulterende gameten heeft één van de twee aanwezige chromosomen van ieder paar.

De kerndeling, mitose, vormt twee cellen met hetzelfde aantal chromosomen als de moedercel.

Bij de mens worden zaadcellen gemaakt in de testes, eicellen in de ovaria.

Het bovenstaande leert ons dat er inderdaad opvallend veel overeenkomsten blijken te bestaan tussen de aard van onze uit de hemel gevallen cocos-nucifera en ons mensen van vlees en bloed. We houden deze informatie dan ook wijselijk achter de hand voor wanneer zich mogelijk vragen opdoen omtrent de aard van het boompje en beestje en hun stamboom en gaan dan weer gewoon verder met volgen van de aanwijzingen welke ons in het basrelief aangereikt worden.

We hadden reeds een vliegende schotel en een astronaut die zijn stamboom mee naar de aarde heeft gebracht en kennelijk van plan is om aan de hand van weefsel/tissue/(t(he) issue/ it is you”, maar het betreft hier echter tevens zijn eigen weefsel en dus is het eigenlijk ook “hij” deze “heere(n) van boven” die hier op aarde een co-orperatief kruisverband/verbond in biologisch weefsel tot stand wenst te brengen.
Merkwaardig genoeg verhaald wiki dat de cocos-nucifera over een koninkrijk schijnt te beschikken waarmee tevens de link dan kan worden gelegd met de bijbel die ons meld dat de heere(n) god uit de hemel hier op aarde zijn koninkrijk heeft gesticht.

Het betreft hier dan vanzelfsprekend de voortplanting of reproductie van een soort doch naar het zich laat aanzien waarschijnlijk dan niet op de manier waarop wij dat normaliter gewend zijn.

De boom blijkt hier dan zowel symbolisch alsmede op biologische gronde belangrijke informatie in zich te dragen en wanneer we vervolgens de kokosnoten dan nader gaan beschouwen dan leert wiki ons dat het endosperma zich daarin bevind wat wederom te vergelijken is met de zaad of teelballen van een man waarin zich eveneens het sperma bevind.

Als we vervolgens dan weer terug gaan naar de astronaut en ons dan richten op zijn “kruis” waar zijn kokosnoten of zaadballen zich behoren te bevinden dan zien we daar enkele opmerkelijke zaken afgebeeld namelijk een soort van schoteltje met daarop een kopje of bekertje met daaraan of daarin een soort van zakdoek of tissue. Het doekje bevind zich dus bij zijn “kruis” wat dit doekje dan ook haast letterlijk als zijn “zakdoek” ofwel een stukje kruisweefsel (tissue/ it is you/ it is him) van/uit zijn balzak maakt waarmee vanzelfsprekend dan tevens ook naar zijn sperma wordt verwezen alwaar het uiteinde van het doekje wat zich als een wormachtig object of wezentje laat aanzien dan ook naar verwijst.

Dit zakdoekweefsel/”it is you/it is him” ofwel zijn sperma wordt hier echter dan kennelijk in een beker opgevangen welke zich op een schotel of shuttle bevind wat wederom verwijst naar het gegeven dat er weefsel van boven naar beneden word geshuttled wat ook weer wordt bevestigd doordat zijn rechterbeen inclusief schotel, beker en tissue/sperma zijn afgebeeld op een steen doch dit is dan geen gewone natuursteen maar een kunstmatig gevormde steen ofwel een bouwsteen waarmee zijn sperma dan alszijnde een genetische bouwsteen kan worden gelezen.

Met zijn andere voet bevind hij zich dan op de aarde en deze voet en tenen zijn dan weer verbonden met een op het eerste gezicht vreemdogende fles doch waarvan de vorm ons echter verraad dat dit logischerwijze enkel maar een soort van thermos(binnen)fles of laboratoriumfles kan zijn want de bodem van deze fles is rond waardoor deze ook niet als een normale fles op een vlakke ondergrond kan staan.

Met deze fles worden ons dan ook weer enkele belangrijke aanwijzingen gegeven want zo dient een thermosfles om (vloei)stoffen of tissue in te bewaren of langer warm of houdbaar te houden en anderzijds dient een laboratoriumfles om een chemische of biologische reactie tussen een of meerdere stoffen te bewerkstelligen en men slaat hiermee dus eigenlijk twee vliegen in één klap.

De astronaut verzegelt de fles hier dan met de beide handen boven op elkaar waarvan de bovenste rechterhand en bijbehorende arm dan door middel van een soort van kettingsnoer welke we kunnen herkennen als een DNA nucleiketen verbonden zijn met de lichtkolom onder de schotel welke we reeds hadden herkend als het (levens)licht of de energie des heere(n)(s) voertuig uit de hemel.

Dat hier een stuk uit zijn arm ontbreekt lijkt doordat de ketting ook over het ontbrekende stuk lijkt door te lopen ook niet direct een beschadiging door erosie of ongeval of iets dergelijks maar is waarschijnlijk bewust zo aangebracht want er wordt hier immers letterlijk een stuk van zijn weefsel/tissue/sperma afgenomen wat als genetische bouwsteen zal gaan worden gebruikt voor de realisatie van een nieuw te vormen biologisch co-co-nut kruisverband of corpus-operatie.

Zijn linkerhand is vervolgens dan direct verbonden met de thermos of laboratoriumfles en op deze arm zijn dan drie ringen afgebeeld die naar het zich laat aanzien dan alsvolgt gelezen dienen te worden. Als we de arm op de plaats van elke ring afzonderlijk zouden doorzagen dan krijgen we drie schijven met vlees, bloed, been en beenmerg (waarin zich ook stamcellen bevinden die weer nodig zijn voor de voortplanting van de soort) en waarvan 1 schijf dan van boven, 1 schijf van beneden en 1 schijf daar kunstmatig tussen ingesloten want de ringen zijn immers net als de bouwsteen kunstmatig gevormde objecten.

Een dergelijke band wordt ook in onze tijd nog vaak als identificatie of initiatiemiddel gebruikt en zo dragen bijvoorbeeld hulpverleners (rode kruis e.d.) vaak een dergelijke arm/wapen-band waarmee zij zich dan onderscheiden en/of kenbaar maken aan derden of buitenstaanders en daarmee dus laten zien dat zij verbonden zijn aan een bepaalde groep of co-orporatie.

De corporatie waar de astronaut bij is aangesloten ID-ENT-ificeert of IN-IT-ieert zich dan met deze drie ringen (cirkels, cellen enz.) welke zeer toepasselijk dan ook wijzen op het verbond wat men hier aan de hand van gekruist co-co-nut weefsel wenst aan te gaan.
Dan zien we direct naast deze arm een jong boompje wat (nog) niet is geworteld in de aarde maar wat via de voet en tenen van de astronaut-spermadonor als het ware letterlijk voeten op de aarde krijgt. Dit boompje vertegenwoordigt logischerwijze dan de nieuw in het laboratorium te creeren tak of ID-ENT(iteit) of in gevallen engelentaal “identity” (I(ntelligent) D(esigned) ENT (of an) E(xtra) T(errestrial) uit de stamboom van de astronaut. We tellen in dit boompje dan 6 takken aan de stam en 1 boven aan het uiteinde van de stam en de bloemen die zich daaraan bevinden tellen dan vier bladeren waarmee dan ondermeer ook weer wordt gedoeld op het co-operatief co-co-nut verbond in (ons) weefsel.

Opmerkelijk is dat het getal van Christus “de gekruisigde” eveneens het getal 7 was wat ook overeenstemt met het getal van de “flower of life” uit de sacrale geometrie waarover later meer. Rond het vierblad hangt eveneens een mystieke sfeer wat we in een aantal varianten via oude overgeleverde mythes vaak afkomstig uit de religieuze hoek ook weer tegenkomen en dit dan zowel in de vorm van het klavertje 3 als het klavertje 4 waarvan de eerste ondermeer de heilige drie-eenheid, “de vader, de zoon en de helige geest” symboliseert en over de laatste verhalen de ronde doen dat de vinder ervan niets dan geluk zou ontmoeten in het leven doch wat gezien we hier bespreken gaandeweg misschien wel eens zou kunnen gaan worden betwijfeld.

Hieronder enkele religieuze en mythische varianten omtrent het klaverblad wat in gevallen engelentaal “club’s” betekent wat dus ook weer vereniging of (coconut)corporatie betekent.
In onze taal is het dan Klaver wat waarschijnlijk dan gelezen kan worden als KA-laver.
Ka is het evenbeeld van lucifer (die moet eten) en “laver” zijn “die-genen” die KA laveren ofwel in S-laafse onderdanigheid dienen !

Ik vraag u de aandacht in onderstaande eens te richten op de symboliek welke haast in alles lijkt te zijn gerelateerd aan onze genen en genealogie en geometrie en aanverwanten en in de volgende delen zullen we daar dan verder op in gaan.

http://www.gerardlenting.nl/betekenissymbolen/Betekenissymbolen.html

Klavertje 4.
Klaver met vier blaadjes brengt geluk, of het nu met geld is, in het spel of in de liefde. De oorsprong van de legende van het vinden van een klavertje vier (en het Geluk dat het zou brengen) voert terug naar de tijd van St.Patrick.

St. Patrick werd in 387 geboren in Schotland.
Zijn echte naam luidde Maewyn Succat.
Op zijn 16e werd hij ontvoerd door piraten en verkocht als slaaf.
Tijdens zijn zes jaar durende slavernij kreeg hij steeds vaker religieuze visioenen en putte hij kracht uit het geloof.
Hij ontsnapte, reisde naar Frankrijk en werd priester.

Op zijn 60e keerde hij terug naar Ierland om daar het Christendom te verspreiden. Men zegt dat Maewyn een onvoorstelbaar sterke persoonlijkheid bezat waarmee hij steeds iedere tegenslag wist te overwinnen. Het klavertje gebruikte hij als een metafoor om de drie-eenheid: Vader, Zoon en Heilige Geest aan te duiden. Het klavertje drie had de vorm van een kruis en men geloofde in het algemeen dat dit een teken was van perfecte eenheid.

De legende zegt dat St.Patrick alle slangen uit Ierland wist te verjagen. Ze kropen naar zee en verdronken.
De slang was een symbool van een vroeger heidens geloof en met dit tot de verbeelding sprekende verhaal wist hij uiteindelijk Ierland te redden van het heidendom. Saint Patrick wordt vaak afgebeeld in bisschoppelijk gewaad met slangen en een klaverblad (shamrock) aan zijn voeten.

St.Patrick overleed op 17 maart 460.
Vanaf de zevende eeuw wordt hij op 17 maart herdacht door de Ieren – waar ook ter wereld – met een groot feest (“St.Patrick’s Day”)

ACE ALL-C (clubs/corporations) -IN-G(ods) E(YE), Y = “trinity of peace(s)” of Adam/Atom
KING K(lucifer) IN G(od)
DAME DA(she who recycled and give birth/bird) on ME
JACK the DEV (and ) IL, (THE(D)EVIL) recycled ashes relied on the number of 21
(chromosomes) and the mercy of the king and queen (later meer hierover)

http://nl.wikipedia.org/wiki/Klavertje_vier

Op de kermis van Itegem komt een gloednieuwe kunstenmaker. Hij spreekt niet, maar iedereen moet doen wat hij wil. Hij heeft dwingende ogen en een meisje met zwarte wilde haren en gouden oorringen vergezelt de man. Ze speelt op een tamboerijn en haar stem is schel. Ze vertelt dat de tovenaar door muren kan gaan en iedereen ziet de man door een forse eik lopen. De menigte is erg verbaasd. Oude Metje loopt naar huis en ze heeft klaver geplukt. Ze hoort een gil en rent naar de eik. Ze ziet een man rond een boom heenkruipen en vraagt wat er aan de hand is. Metje roept dat de mensen zich niet moeten laten bekeukelen, het gaat om een bedrieger. De mensen willen tegenspreken en Metje legt de klaver op de grond. Ze ziet het lijf van de man half in de boomstam en de twee dwingende ogen kijken in de hare. Metje verzet zich en ze denkt aan haar eigen waarschuwing. Ze slaat haar ogen neer en ziet een klaverblaadje liggen. Ze pakt het en ze ziet de man weer rond de stam kruipen. Ze waarschuwt de menigte opnieuw en de mensen laten de schellen van de ogen vallen. De tovenaar en het meisje gaan er vandoor. Thuisgekomen ziet de dochter van Metje een klavertjevier in de hand van haar moeder en dit wordt in een linnen zakje gestopt. In de familie wordt het gedragen als ze naar de kermis gaan, het behoedt je voor het ongeluk. Met klavervier kun je niet betoverd worden.

wordt vervolgd,

Auteur: ©MARINUS CORNELIS WILHELMUS VISSERS©

Originele artikel:
http://renescience.punt.nl/?gr=796258

Dit bericht is geplaatst in Borobudur / Enki / Annunaki / Sitchin. Bookmark de permalink.

2 reacties op Heimwee naar het (T)huis van mijn Vader (4)

  1. Budhymann schreef:

    Hihi.! Wederom weer Magnifieck, deze Vissers Repliek.
    Vandaar voor hem deze Mu-Ziek;
    http://www.youtube.com/watch?v=xEDC-R2ZSQo

    Hmm Cocos Nucifera ? Wad leickdt dad tog op Nel(9)-Umbo Nucifera.
    een ook Egyptisch Lotus EnTheoGeen, Hiermee kan je toch zo ver heen
    Vanuit een Dwangneurotische plicht een lichtend Ge-Heim zo thuiselijk verdicht
    http://i1210.photobucket.com/albums/cc411/Budhymann/LightSecretDendera.jpg

    Keep Going Strong. Grtz Bud.

  2. Pingback: Heimwee naar het (T)huis van mijn Vader (3) | hetuurvandewaarheid.info

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *